Zoeken

Sateh tempeh

Voor liefhebbers van de Indonesische keuken: dit is sateh kambing maar zonder geit en met tempeh. De saus, deze saus, o lieve mensen, ik overdrijf niet als ik zeg dat deze saus misschien wel de lekkerste satehsaus everrr is. Probeer ‘m alsjeblieft. En dan natuurlijk het liefst met deze tempeh-sateh, die wel effe maar heus geen uren hoeft te marineren. Heb je toch allemaal helemaal geen zin in op een warme dag. Serieuze tip: verdubbel het recept. Of verdriedubbel het, waarom niet.

Bereiding: 30 minuten (+1 uur marineren)

Voor 8 stokjes

Ingrediënten

250 g tempeh, in blokjes van 2 bij 2 cm

3 el ketjap manis + 4 el extra voor de saus

3 knoflooktenen, geperst + 1 gepeld

3 rawits, zaadlijst verwijderd, fijngesneden

2 el pinda’s, geroosterd in een droge koekenpan

Scheutje arachideolie

1 el gula jawa (palmsuiker), fijngeraspt

1 tl sojasaus

1 limoen, uitgeperst

1 sjalotje, fijngesneden

Zout


Meng voor de marinade de 3 eetlepels ketjap met 3 geperste knoflooktenen. Schep de blokjes tempeh door de marinade. Rijg aan stokjes (3 blokjes per stokje) en laat minstens een uur marineren.

Maak de saus door de rawits fijn te wrijven in een vijzel. Voeg de pinda’s en de resterende knoflookteen toe. Voeg een scheutje arachideolie toe als dat makkelijker mengt. Wrijf goed tot je een smeuïge pasta hebt. Voeg nu de gula jawa, de 4 eetlepels ketjap manis, de sojasaus en het sap van de limoen toe. Niet stampen nu, maar roer, schraap, wrijf tot een samenhangende saus. Proef en voeg eventueel nog wat zout toe.

Rooster de sateh tempeh op een houtskoolvuurtje in een paar minuten rondom gaar. Keer regelmatig, want door de marinade verbrandt de sateh makkelijk.

Lepel vlak voor serveren flink wat van saus over de sateh en garneer met sjalot.